Baobab

Algemeen

De hangende, eivormige of langwerpige, tot 35 x 16 cm grote vruchten hebben een tot 1 cm dikke, houtige, vezelige schil, die rijp grijsbruin wordt en dicht bedekt is met geelbruine, ruwe haren. Van de vruchten wordt gezegd dat ze op hangende, dode ratten lijken. De vruchtholte bevat een taaie, slijmerige, zurige, witte pulp. De pulp omsluit bevat vele, boonvormige, tot 1,5 cm lange, lichte zaden met daaromheen dunne, witte, melige, zure zaadmantels.

De vruchten worden in Afrika vers gegeten of eerst gedroogd en later in water of melk geweekt. De zaden worden gesuikerd en als lekkernij gegeten. Ze smaken naar amandel. De bladeren, jonge scheuten en wortels kunnen als groente worden gegeten. De vruchtschillen vormen een goede brandstof. Vermalen vruchtschil wordt als tabak gebruikt. Uit de as kan zeep worden gemaakt. Uit de bast kunnen vezels worden gewonnen. Deze kunnen worden gebruikt voor touwen, manden en textiel. De schors bevat ook tannine, dat als looistof kan worden gebruikt.