Bretons witlof terug van weggeweest

Meer dan 50 jaar geleden werd in de Franse streek Bretagne begonnen met het verbouwen van witlof op de zandduinen van de Côte des Légendes (Finistère). Sindsdien heeft men er de handen ineengeslagen met als resultaat de ‘endive Prince de Bretagne’. Men stelt kwaliteit boven kwantiteit en er wordt aan alle marktsegmenten geleverd. Na Frankrijk zelf is Italië de belangrijkste afnemer. Op afstand is Nederland derde op de exportlijst van Bretons witlof.
Krokante mini’s, bio’s, topassortimenten, Carmines (natuurlijke kruising van witlof, raddichio en chiogga)… 36 producenten telen op 500 ha. 8500 ton witlof, wat neerkomt op 7% van de Franse productie. De duinen zijn ingeruild voor een moderne manier van bebouwing, maar de oogst, die plaatsvindt van oktober tot maart, wordt nog steeds handmatig binnengehaald. Het lof wordt van de wortel gescheiden, de buitenste bladeren worden verwijderd en het witlof verpakt in dozen, zakjes of bakjes.
Witlof bevat weinig calorieën (15 kcal per 100 gram) en bestaat voor 95% uit water. Daarnaast is deze groente rijk aan vezels, mineralen en vitamines (selenium, kalium, vitamine C en B9…). Na het witlof even onder de kraan te hebben gehouden, kan het in dunne plakjes of in zijn geheel klaargemaakt worden (gebakken, gestoofd, in de oven…). Daarnaast kan het rauw van bladeren worden ontdaan, waarmee eindeloze combinaties mogelijk zijn (spek, noten, tomaten, mango, rauwe of gebakken ham, gerookte zalm, kazen…) met een beetje curry in de azijnsaus; als aperitief vervangt witlof de toast en geeft pit aan de amuse.
bron: culinair.net