Jujube

Algemeen

De jujube is de vrucht van twee nauw verwante, zeer sterk op elkaar gelijkende soorten uit de Rhamnaceae, de Indiase jujube (Ziziphus mauritiana) en de Chinese jujube (Zyzyphus jujuba). De jujube is een groenblijvende of in droge perioden bladverliezende, tot 15 meter hoge struik of boom. De hangende takken van de jujube zijn met een donzige beharing bezet en ze groeien zigzaggend tussen de opeenvolgende bladeren. De verspreide, alternerend geplaatste, 4 -5 x 6 - 9 cm grote bladeren zijn rond tot ovaal, gaafrandig of met een lichte zaagrand en van boven donkergroen en glanzend.

De jujube draagt steenvruchten die in vorm en grootte sterk variŽren. Ze zijn rond tot peervormig, onrijp groen, volrijp bruin- tot goudgeel of rossig tot bijna zwart, dikwijls met bruine vlekken. Ze worden tot 4 x 6 cm groot, wilde vormen worden echter slechts zo'n 2,5 cm groot. De schil van de jujube is glad of ruw, glanzend, stevig en zo'n 1 mm dik. Het wittige vruchtvlees is matig sappig, in rijpe toestand pappig. Het ruikt fruitig en smaakt zoet naar peren.

Op de jujubebomen leven lak-schildluizen (Coccus lacca) die verzameld worden en waarvan schellak wordt gemaakt.